Omgaan met Elkaar

een positieve rol voor iedereen in de klas

Anti-pestprogramma ‘Omgaan met Elkaar’

voor positieve rollen in de klas


Waarom dit anti-pestprogramma?

Omgaan met Elkaar - Stichting Omgaan met Pesten

Bij het antipestprogramma ‘Omgaan met Elkaar’ ligt de focus op het ontwikkelen en versterken van positieve rollen in de klas. In een groep waar wordt gepest, kun je verschillende rollen onderscheiden: pester, slachtoffer, meeloper, buitenstaander, aanmoediger en helper. Als leerlingen, die vaak een bepaalde rol aannemen, opschuiven naar een positievere rol, dan neemt het pesten in de klas af.  Omgaan met Elkaar is ontwikkeld vanuit het besef dat ieder kind een stukje kan opschuiven naar een meer positieve rol. Daarmee verandert er al een hoop in de groepsdynamiek van een klas. De hele klas leert in 8 lessen anders met elkaar om te gaan (in veilige subgroepen). Ook ouders en beroepskrachten krijgen handvatten aangereikt.

Dit anti-pestprogramma staat in de Wegwijzer programma’s sociale veiligheid  en Kennisbank van Stichting School & Veiligheid


Doel

Het doel van dit anti-pestprogramma is om pesten in een groep te voorkomen en tegen te gaan door de competenties van leerlingen op het gebied van respectvolle omgang te vergroten. Zij leren daardoor meer rekening met eigen en andermans grenzen te houden. Ze helpen elkaar daarbij vaker. Hierdoor neemt het pesten in de klas af.


Doelgroep

Leerlingen uit de groepen 5 tot en met 8 van het basisonderwijs en het eerste en tweede leerjaar van alle typen voortgezet onderwijs. Het programma is ook geschikt voor het speciaal basisonderwijs en kan aangepast gegeven worden in lagere groepen van het basisonderwijs.


Aanpak

  • Omgaan met Elkaar bestaat uit 8 sessies van 60 minuten (in 2 of 3 subgroepen), één ouderavond en twee workshops voor professionals.
  • De leerkracht/mentor ontvangt lessuggesties en –materiaal om tijdens of na de looptijd van de training te gebruiken in de groep.
  • Leerlingen ontvangen een map met opdrachten om op school of thuis aan te werken.

De bijeenkomsten vinden wekelijks plaats onder schooltijd en op school. Het programma wordt uitgevoerd door een trainer die aangesloten is bij Stichting Omgaan met Pesten. Dit betekent een deskundige uitvoering met maximaal resultaat waarbij de leerkrachten/docenten zoveel mogelijk hun eigen werk kunnen blijven doen. Daarnaast wordt een tijdsinvestering verwacht van de leerkracht/mentor van circa 8 uur over een periode van 10 à 12 weken. In overleg kan worden besloten de workshops voor beroepskrachten in te korten of achterwege te laten, indien docenten/leerkrachten al voldoende geschoold zijn in het tegengaan van pesten. De kosten zijn dan lager.


In de training staan de volgende zes aandachtsgebieden centraal:

  1. Lichaamstaal;  Leerlingen ontwikkelen weerbare lichaamstaal, zodat zij die gebruiken bij het opkomen voor zichzelf en een ander
  2. Pest-attitude; Hoe je over een onderwerp denkt, heeft te maken met waarden en normen (van jezelf, je omgeving, de groep).) Leerlingen krijgen informatie en gaan met elkaar in discussie om een positieve attitude voor een respectvolle omgang met elkaar te bereiken
  3. Assertiviteit; Leerlingen leren de vaardigheid om assertief in plaats van agressief of subassertief met anderen om te gaan
  4. Coping; Leerlingen krijgen handvatten om beter om te gaan met gevoelens van boosheid, verdriet en angst. Hierdoor zijn zij vaker in staat om zichzelf en anderen te helpen
  5. Sociale vaardigheid; Meedoen en omgaan met buitensluiten, en feedback geven en ontvangen, zijn twee belangrijke sociale vaardigheden die aan bod komen
  6. In de training staan de volgende zes aandachtsgebieden centraal:Groepcohesie; Door verschillende spelvormen, het oefenen in rollenspellen en het voeren van gesprekken met elkaar wordt er gewerkt aan versterking van de groepscohesie


Meer weten of aanmelden?